De collectie

BOO ontstaat als gebruiksbibliotheek voor de diverse muziekensembles die verbonden zijn aan de omroep. Gedurende zeven decennia lang wordt een verzameling samengebracht met ongeveer 60.000 werken, goed voor 1,1 strekkende kilometer bladmuziek.

Van nagenoeg alle werken zijn er zowel de partituur als de partijen aanwezig. Dit toont overduidelijk aan dat deze bibliotheek volledig gericht was op muziekuitvoering.

De collectie bevat heel wat uitgegeven composities, maar het boeiendste deel zijn vele onuitgegeven werken. Deze composities en arrangementen zijn heel vaak in opdracht van de omroep geschreven. Van de ongeveer 22.000 werken voor de ensembles jazz en lichte muziek is niet minder dan 80 procent opdrachtwerk. Naast ontspanning werkte de omroep ook actief mee aan “volksverheffing”. Dit verklaart dan ook het grote aantal compositieopdrachten voor orkesten en kleinere ensembles, met als gevolg dat BOO één van de belangrijkste centra van hedendaagse muziekpraktijk was tot de jaren 1970. Heel specifiek voor een omroepcollectie zijn de radiotunes en luisterspelen.

Van de meeste onuitgegeven composities is het exemplaar in BOO de enige bekende bron. Dit maakt BOO tot één van de belangrijkste collecties van de 20e eeuw in België.